Waarderen bij fiscale kwesties

Het komt voor dat aan bedrijfsoverdrachten geen transactie ten grondslag ligt met een at-arms’-lenght staande derde. Men kan hierbij denken aan:

  • een ouder die het bedrijf overdraagt aan (één van) de kinderen of aan een werknemer in het kader van de Bedrijfsoverdrachtfaciliteit (BOF);
  • een concern die vennootschappen in de groepsstructuur herschikt;
  • een vennootschap die haar onderneming aan een andere vennootschap in de groep verkoopt;
  • een onderneming die het personeel wil laten participeren in de resultaten van de onderneming door middel van een aandelenparticipatieplan.

In alle genoemde gevallen betreft het transacties met relatieve insiders. Met familie of medewerkers wordt doorgaans niet op het scherpst van de snede onderhandeld. Juist dan hebben partijen er belang bij om een onafhankelijke waardering van de onderneming zodat geen van de partijen (onbewust) bevoordeeld of benadeeld wordt. In het geval van waarderen bij fiscale kwesties zal de Belastingdienst bijzondere aandacht hebben voor de waardering van de onderneming. Ter voorkoming van discussie of het beter kunnen aangaan ervan met de Belastingdienst is het raadzaam in voorkomende gevallen een door een onafhankelijke waarderingsdeskundige opgesteld waarderingsrapport te overleggen. Niet alleen de Belastingdienst heeft extra belangstelling voor dergelijke transacties, ook de wederpartij (personeel dat de aandelen verkrijgt) of andere belanghebbenden (schuldeisers van de vennootschap die haar onderneming verkoopt, kinderen die niet in de bedrijfsopvolging meedoen) zullen een onafhankelijke waardering van de onderneming meer op waarde weten te schatten. Dit voorkomt toekomstige problemen over de vastgestelde prijs.

Laatste kans BOFIn november 2012 schreef Chris Denneboom een artikel voor Van Waarde magazine over de werking van de bedrijfsopvolgings-faciliteit. Klik op het artikel om het te lezen.